Volg ons op Twitter, Facebook en Instagram blijf op de hoogte.


Hier wordt beschreven hoe er gedacht wordt de kwekerij in de toekomst richting te geven aan de huidige ontwikkelingen.
Dit gaat over : welk soort kweker wil je zijn met betrekking over assortiment, afzet en teelt.

Assortiment
In de jaren dat er gestart werd met de teelt van snijheesters en pioenen was het streven om bijna het gehele
jaar door product te leveren. Dit deden we met een brede assortiment aan producten.
In het voorjaar begonnen we met de Forsythia Golden Fantasy. Een makkelijk gewas dat dat in tegenstelling tot
de gewone Forsythia een 1-jarige teelt was. De takken werden in de winter geoogst en op ijs gelegd waarna ze er
box voor box uitgehaald werden, gesorteerd en in bloei getrokken. Dit werd gedaan omdat de tijd van oogsten erg
kon variëren. Afhankelijk van de winter en temperatuur kon daar zomaar een paar weken in zitten.
En als ze de bloemen dan op springen staan kan het heel snel gaan.


Forsythia golden fantasy.
















Na dit gewas was er even tijd om de plastic over de tunnels van zowel de Philadelphus (in soorten) en pioenen te doen.
Van de Philadelphus hadden we de Snowbelle als de Snowwhite Fantasy. Deze 2 soorten volgden elkaar goed op maar de
hoeveelheid werd voor ons zo veel dat we besloten hadden om deze quasi te splitsen in oogsttijdstip door middel van
vervroegen met behulp van de tunnels.
Navraag leerde echter dat gerenommeerde partijen als DLV en Kolster bv (van wie het plantmateriaal kwam) geen ervaring
hier mee hadden. Dan maar zelf uitgedokterd hoe het moest. Dit resulteerde erin dat we niet zozeer een hogere prijs kregen
maar wel dat we de oogst beter aankonden en we de handel langer van dit toch wel speciale product konden laten genieten.

Philadelphus nog in oude fust van NBV/UGA de veiling in Straelen
Volgende oogstmoment waren de pioenrozen. Dit viel kort na en deels gelijktijdig met de Philadelphus.
We zijn toen begonnen met de soorten Karl Rosenfield en Sarah Bernhardt. Ondanks dat de oppervlaktes
niet zo groot waren als nu lag de druk om het allemaal netjes te laten verlopen vrij hoog.
Dit werd nog een beetje erger nadat we ook hier met een tunneltje waren begonnen.


Sarah Bernhardt en Karl Rosenfield
Tussen de percelen in lagen de Hypericums. Een van de oude liefdes. Als een van de eerste mochten we de soorten
Summer Fantasy en Oktober Revolution aanplanten van de firma Kolster bv.


Hypericum Oktober Revolution
Beide soorten hadden wel een unieke eigenschap namelijk dat de ene heel vroeg was (Summer Fantasy) en de andere
Oktober Revolution erg laat. Doordat er nog bijna geen import was en doordat we hier in Limburg aan de vroege kant zijn met oogsten
was met name de Summer Fantasy een mooie opstap naar het Holland Hypericum seizoen en konden goede prijzen beuren.
En voor de Oktober gold dat er dan bijna geen meer waren. We hebben toen ook aan gegeven dat de goede vertaktheid van de
Oktober en de mooie bessen van de Summer een goeie combinatie zou zijn. Nadien is hier bij de veredelaars de Fall-serie uit
voort gekomen.

Als 3-de soort hadden we de Annebell die in de zomer geoogst werd.

Door de jaren heen werden de rendementen minder en zijn de soorten langzaam maar zeker uit het assortiment verdwenen.
Hiervoor in de plaats kwamen meer pioenrozen en wel de soorten Duchesse de Nemours en de gewone
Boerenpioen (officinalis rubra plena).

Viburnum op. Compactum stond in de zomermaanden op het programma. Deze heester heeft een lange oogsttijd en werd
na de eerste jaren waarin ze rood gesneden werd ook aan de groen/rode kant gesneden. Omdat dit een 2 jarig gewas is werden
derhalve ook 2 hoeken hiervan aangeplant.

Viburnum op. Compactum rood
Na de Viburnums volgende de rozenbottels die we 3 soorten hadden.
Al gauw bleek dat de grond zich daar niet goed voor leende. Mijn vader zei altijd: “Dit is geen rozengrond jongen!”.
En hij had gelijk. Maar doordat de rozen een goede opstart was naar de herfst
hebben we ze een hele tijd aangehouden. De soorten die we teelden waren de Magical Fantasy, Amazing Fantasy
en de Giant Fantasy. Later is voor de Giant en Red Hooijdonck voor in de plaats gekomen.


Partijtje Amazing Fantasy klaar voor de veiling
Tussen de rozenbottels door konden we ook Symphoricarpos klaar maken.
Een van die soorten de Scarlet Pearl hebben nog steeds.
Deze planten zijn in 2004 aangeplant en nog steeds productief.
Daarnaast hadden we de Sweet Fantasy staan welke we nu ook nog gebruiken.
Weliswaar niet als ‘hoofdsoort’ maar meer als bestuiver tussen de Magical Treasure.


Een van de 1ste karretjes Symphoricarpos Scarlet Pearl
Na deze 2 gewassen (rozenbottels en symphoricarpos) volgden nog het slotstuk van het jaar en dat waren de Ilex-en.
Hier zijn we destijds bijna als eerste mee begonnen bij ons en al die tijd aangehouden.

Ilex al bijna sinds de start met snijheesters van de partij

Situatie nu anno 2017

Door een aantal factoren is de diversiteit in gewassen afgenomen tot 3 hoofdgroepen. Dit zijn pioenrozen, symphoricarpos en ilex.
Factoren die hierbij een rol speelden waren opbrengsten, stand van het gewas, tijd en wat wil je voor kweker zijn of worden.
Het is een goed streven om het gehele jaar aan de klok te zijn maar voor ons geen haalbare kaart. Daarom is ongeveer 4 jaar
geleden de keuze gemaakt om ons toe te leggen op deze 3 gewassen. Gewassen die toe waren aan vervanging werden
opgevuld met rassen uit deze productgroepen. We proberen door middel van rassenkeuze (in de tabbladen van de gewasgroepen
is te zien welke rassen we hier op het moment van hebben staan), een zo lang mogelijk seizoen te draaien en met behulp van
onze plantenleveranciers lukt dat heel aardig. Zij spelen een grote rol in hoe wij de tot de rassenkeuze komen.
Daarbij wordt gekeken naar hoe een ras in het totaal plaatje van de gewasgroep past. Gelet wordt dan op oogsttijdstip, overall
looks en vernieuwing voor ons, en dat hoeft niet altijd het allernieuwste van het nieuwste te zijn.
De tijd die er is tussen de verschillende blokken per productgroep ligt kan er meer aandacht gegeven worden aan
gewasverzorging en onkruid-management. Hierdoor hopen we dat tijdens de oogst de nadruk vooral op het goed
veiling-klaarmaken.
Grote aantallen zijn niet voor ons niet weggelegd en we proberen dat wat we doen zo goed mogelijk te doen.

Afzet
Afzet is een van de belangrijkste zaken die spelen op ons relatief kleine bedrijf. Je kunt veel van het zelfde produceren maar als
er geen of beperkte markt voor is Al sinds het begin van de jaren ’90 toen we begonnen met coniferen zijn we lid van de veiling.
We zijn via een omweg toen terecht gekomen in Straelen (Duitsland) bij de UGA. Na het samengaan met de
Neusser BlumenVersteigerung ontstondt de combinatie UGA/NBV. In 2010 werd door de moederorganisatie Landgard
een joint-venture aangegaan met Flora Holland en zag Veiling Rhein-Maas het levenslicht. Na een lidmaatschap van over 20 jaar
besloten we om Landgard vaarwel te zeggen en ons aan te sluiten bij Royal FloraHolland. We hebben een vestiging uitgezocht
die voor ons product denken wij het beste uitspringt.
Maar tijden en veranderingen gaan de laatste paar jaren zo snel dat ook wij ons hier een beetje in aan willen passen. Daarom
hebben we vanaf 2016 een diverse afzetmogelijkheden. Het gros gaat gewoon nog via de klok waarbij nadrukkelijk wordt
gekeken waar wat naar toe gaat. Een klein gedeelte is er al afgezet via Connect. Deze afzetmethode zal wellicht een vervolg
krijgen. Afzet in deze vorm is een welkome aanvulling op de klok voor ons.Product verkopen met klokvoorverkoop en floramundo
zijn tot op heden nog niet gebeurt. Voor ons is het lastig in te schatten waar je de prijs op moet zetten en er zitten ook wat
kleine nadeeltjes aan vast. Er wordt wel met een schuin oog naar toe gekeken en beraden ons nog over wat te doen hiermee.

 




Teelt
Gedurende de omschakeling van het assortiment met heel veel soorten en producten naar 3 hoofdteelten is het
besef gekomen dat we de teelten anders moeten gaan benaderen.

Daarnaast is er al enige jaren een discussie gaande over “gezonde bodem” en “weerbaar telen en weerbaarder maken van gewassen”.
Hierin wordt vooral gekeken naar de gezondheid van de bodem, wat gebeurt er allemaal in de bodem, hoe kunnen/moeten we daar
gebruik van maken en wat kunnen/moeten we er voor doen om dit zo optimaal te krijgen? Dit zijn lastige en moeilijke vragen waar
we als sector nog lang niet altijd antwoordt op hebben. Door middel van andere toets methoden van met alles wat er in en met de
bodem gebeurt (ten op zichten van wat we voor een 10-tal jaar deden) krijgen we daar steeds meer inzicht in maar zijn we er nog lang niet.
Zo zijn we al rond 2005 overgestapt van de grondmonster van het BLGG naar de Bodem Balans Analyse (BBA).
Wezenlijk verschil van beide methoden was dat er bij de BBA anders gekeken wordt naar de beschikbare elementen en in welke
verhouding staat het ene element t.o.v. het andere, wat is de capaciteit van de bodem om nutriënten te binden en later weer vrij te
laten komen. Dit was een hele andere benadering dan het N.P.K-verhaal wat we op school geleerd hadden.
Door alleen al hier beter naar te kijken is het alleen al mogelijk om de plant in een ‘prettige omgeving’ te zetten waardoor
ziektes en plagen minder kans krijgen. Want hoe prettiger de plant zich voelt des te weerbaarder hij is. Maar dat is alleen het nutriënten
verhaal en om het goed vorm te geven is er veel meer nodig.

Andere toets methoden die we gebruiken zijn de Chroma en plantsap-analyses. Deze geven nog meer inzicht op hoe de condities
zijn van de plant en de omringde bodem is. De 1ste is een ‘beeld’ over wat er in de bodem speelt.
Denk hierbij aan: toestand organische stof en humus, vocht/zuurstofverhouding.
Met een plantsapmeting wordt op snelle en nauwkeurige wijze de actuele opname van voedingsstoffen in de plant geanalyseerd.
Dat levert belangrijke informatie op over de gezondheid van de plant. Een optimale opname van voedingsstoffen heeft namelijk een
positief effect op de ziekteweerbaarheid van de plant én op de kwaliteit, stevigheid en houdbaarheid van bijvoorbeeld de vruchten.
(bron: NovaCropControl).

Voor dat we met een teelt beginnen wordt er naar de bovengenoemde dingen gekeken en waar nodig dan ingegrepen.
Grondbewerkingen zijn niet meer kerend om zodoende het bodemleven in de bovenste lagen niet onnodig veel te verstoren.
Soms is het echter nodig om de ondergrond goed los te maken om storende lagen te doorbreken. Bij het planten van pioenrozen
gebruiken we kerncompost met de Trichoderma schimmel van Orgapower om de planten een goede start te geven.
Deze symbiotische schimmel / plant relatie staat bekend als Mycorrhizae. In mycorrhizae ontstaat als het ware een schimmeldraden
mantel rond de wortel zodat de schimmel de mineralen- en wateropname door de wortel van de plant bevordert. Daarnaast is er door de
schimmeldraden mantel rondom de wortel minder ruimte voor in de bodem mogelijk aanwezige schadelijke micro-organismen,
zoals bijvoorbeeld, phytium spp, fusarium oxysporum ssp, rhizoctonia solani, phytophtera, verticillium, etc. (bron: Orgapower).
Door nieuwe regelgeving voor het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen waren we ook genoodzaakt om hier goed naar te kijken en
dan met name het gebruik van herbiciden. Om goede resultaten met het gebruik van herbiciden te krijgen moet er aan vele omstandigheden
voldaan worden. Zo spelen hoeveelheid licht, wind, vochtigheid bodem, gewas en eventueel onkruid, temperatuur, ph van het spuitwater en
nog veel meer een grote factor in het al dan niet slagen van een bespuiting. Deze behandelingen met herbiciden zijn echter niet zo goed voor het bodemleven.
Na een kleine proef te hebben gehouden in 2015 hebben we besloten om vanaf 2016 alle pioenrozen een laagje houtsnippers te voorzien.


1ste jaars Command Performance in de houtsnippers
Om te weten of er sprake is van enige tekort of overmaat van elementen wordt er gedurende het seizoen een reeks van
plant-sap-analyses gedaan. Aan de hand hiervan kunnen we nog bijsturen in de bemesting.
In de ilex is er een proef gedaan met het inzaaien met 2 soorten grasmengsels.
Dit gaan we verder onderzoeken wat de gevolgen hiervan zijn.
Met het inzaaien met gras in ilex en het maaien van onkruid in de symphoricarpos zijn we overgegaan van
onkruidbestrijding naar onkruidbeheersing. Met inzaaien van gras is ook de vraag gerezen of we er misschien klaver
bij kunnen mengen.
Dit zou een natuurlijke stikstof-vanger zijn. Mogelijkheden hiervan zijn we aan het uitwerken.
We hopen door gras in te zaaien in de ilex dat er een actiever bodemleven ontstaan en het gras bijdraagt aan het
maken van een beetje ‘klimaat’ onder in de planten.
Tevens wordt door het maaien ervan steeds een beetje organische stof teruggegeven aan de bodem.
Het gras kan ook dienen als vanggewas in de winterperiode als normaliter de grond kaal is.
Hierdoor blijven de elementen in de bovenlaag en spoelen niet uit met als gevolg minder bemesten in het voorjaar.
 

Gras ingezaaid in de ilex.
Om het gras in de ilex kort te houden hebben we een ruw terreinmaaier gekocht voor dit doel. Doordat de maaier krachtiger, wendbaarder
en zelfrijdend is gaat dit toch een stuk gemakkelijker dan het afmaaien met een bosmaaier met draadkop. Voordeel van maaien boven
dat van het chemisch bestrijden van het onkruid (en het maaien van gras) is dat de tijdstippen dat dit kan veel groter zijn.
Bovendien geeft het meer mentale en psychische rust. Dit geldt overigens ook voor de houtsnippers in de pioenrozen.
De druk om te moeten spuiten indien dit nodig is is er niet meer.


Ruw terreinmaaier voor het maaien van gras en onkruid